Deprecated: Function create_function() is deprecated in /customers/0/3/9/kringhistoria.be/httpd.www/hermes/wp-content/plugins/events-manager/widgets/em-events.php on line 208 Deprecated: Function create_function() is deprecated in /customers/0/3/9/kringhistoria.be/httpd.www/hermes/wp-content/plugins/events-manager/widgets/em-calendar.php on line 76 The Man Behind The Myth: Rik Torfs – Hermes

The Man Behind The Myth: Rik Torfs

“Hoe meer je van geschiedenis weet, hoe moediger je bent tegenover de toekomst”

Wie kent hem niet. Als galante professor versierde hij nog uw televisieavond in de tijd dat ‘De Slimste Mens Ter Wereld’ nog op één te zien was. Nadien koos de man voor een carrière in de politiek, iets waar hij naar eigen zeggen geen heimwee naar heeft. De kans is echter groter dat u Rik Torfs kent als uw baas, rector van de Ku Leuven. In het kader van de rectorsverkiezingen in 2017, waar Torfs zich voor een tweede maal kandidaat stelt, zocht uw redactie hem op. we legden hem, onderzoeksjournalisten die we zijn, danig het vuur aan de schenen, tijdens een waar diepteinterview.

©Interview afgenomen door de Hermesredactie

 

Rector Torfs ontvangt ons op zijn kantoor in het rectoraat. Zijn vriedenlijke medewerkster vraagt ons bij ontvangst of we een droge keel hebben. Na de circa 48752 trappen die we moesten doen, konden we die vraag affirmatief beantwoorden. Torfs deed meteen een poging om het ijs te breken. Een van onze redacteurs kreeg het aanbod om de Kirgizische hoed aan te doen die aan de kapstok hing. We lachten. De sfeer zat goed!

HERMES: Hoe evolueert u de voorbij vier jaren van uw rectorschap?

RT: Heel aangenaam voor mij, maar misschien niet voor de andere mensen (lacht). In feite is dat een baan met heel veel verschillende aspecten. Je hebt als je het samenvat drie grote aspecten. Een: het vastleggen of mede vastleggen van grote beleidslijnen van de universiteit. Dan heb je het overal aanwezig zijn. Ik vind dat heel belangrijk dat je echt overal komt en gaat waar enigszins kan. 

van de universiteit. Dan heb je het overal aanwezig zijn. Ik vind dat heel belangrijk dat je echt overal komt en gaat waar enigszins kan. Dat geldt voor vieringen, maar ook bezoeken aan afdelingen of faculteiten. En ook natuurlijk wat een nieuwe taak is: de campussen. Je moet daar zijn. Je kan niet zeggen: ‘u hoort bij ons en we zien u volgend jaar nog weleens’. Ook bij promoties enzovoort. Je moet er overal zijn. Een derde punt is de externe vertegenwoordiging. Dat kan bijvoorbeeld via media zijn. Maar wat toch een heel belangrijk stuk is wat zeker wordt onderschat is het politieke spel voor en achter de schermen. Dat is een heel belangrijk deel van het rectorschap dat minder opvalt vaak. Maar het is van cruciaal belang dat de KU Leuven in de picture blijft. Enfin, dat moet ik aan historici niet zeggen. En ik vind eigenlijk raar genoeg al die drie aspecten heel plezant.

Maar het is van cruciaal belang dat de KU Leuven in de picture blijft. Enfin, dat moet ik aan historici niet zeggen. En ik vind eigenlijk raar genoeg al die drie aspecten heel plezant. Ik moet zeggen, ik ga niks over mezelf zeggen, ik heb veel gebreken die ik wegens tijdsgebrek niet kan opsommen. Maar ik heb wel fantastische vicerectoren en dat is aangenaam.

HERMES: Komt er naast andere campussen bezoeken nog veel bij kijken?

RT: Als je de ambitie hebt om een privéleven te hebben kan je dit beroep niet uitoefenen. Elke dag ben je weg, ook in het weekend. Maar ik vind vooral voor die campussen moeten we laten zien dat zij er ook volledig bij horen. Dat vergt wel wat werk. Ook in het algemeen, hier gebeurt altijd iets. Aan de KU Leuven wordt er ook veel feest gevierd. En dan moet je beroepshalve daaraan meedoen, dat is een zware dobber maar je kan niet anders. Maar ik wil u wel een paar keer….

>zware dobber maar je kan niet anders. Maar ik wil u wel een paar keer….

(Milan onderbreekt) Trakteren?

(lacht) Je mag mij vertegenwoordigen op een zondagnamiddag of zo, want dat zijn de moeilijke momenten om er dan ook te zijn. Maar ja, het zijn allemaal boeiende aspecten. Dus ook het menselijke. Ik vind bijvoorbeeld aan een universiteit community building ook heel belangrijk. Natuurlijk zitten we hier met mensen van allerlei ‘pluimage’ die zelf verschillend denken en ook niet altijd 100% dezelfde belangen hebben. Ook niet dezelfde politieke, maatschappelijke… opvattingen. Toch moeten we proberen om bij hen allemaal het KU Leuven gevoel te geven. En dat is heel belangrijk. Iedereen is specifiek en onmisbaar om het wat zeperig te zeggen. Maar zo is het wel.

Studenten zijn bij ons, en dat bestaat nergens anders in Vlaanderen, echte participanten in medebestuur op fantastische wijze

 

HERMES: Bent u blij wat u heeft volbracht in de voorbije vier jaar?

RT: Wel kijk, ik ben nog nooit in mijn leven tevreden geweest met mezelf. Ik ga daar nu ook niet mee beginnen. En eerlijk gezegd als ik in de spiegel kijk, fysiek, begrijp ik die ontevredenheid. Elke ochtend bij het tandenpoetsen des te meer… Maar ik denk wel dat we een aantal dingen hebben gedaan. Bijvoorbeeld nu op dit moment is de instellingsreview bezig. Er is een andere onderwijsvisie waarbij persoonsvorm belangrijker is. We hebben daarbij ook een systeem om zelf meer over onderwijs te praten, via POC’s. Dat is via vicerector Pollefeyt samen met Rik Gosselink op een schitterende manier prachtig gedaan. Op het vlak van onderzoek hebben we ons steeds versterkt met een simpelere indeling van de drie niveaus: C1, C2, C3 van onderzoek. En we gaan toch in rankings en andere dingen, hoe relatief het ook is, vooruit. Dat zijn zaken die marcheren. Wat we bijvoorbeeld ook gedaan hebben zijn profiel-vacatures voor professoren. Daar moet nu een bio-schets voor komen waarbij mensen moeten uitleggen waar ze vandaan komen, wie ze zijn en waar ze naartoe willen. We willen dus ook professoren die attractieve persoonlijkheden zijn en dus niet alleen machines die artikelen produceren. Dat mogen ze doen, maar geen machine zijn. Die artikelen mogen wel. En onze studenten, moet ik zeggen, daar ben  ik eigenlijk zeer trots op. Natuurlijk niet op jullie, hé (lacht)! Op zich de studenten zijn bij ons, en dat bestaat nergens anders in Vlaanderen, echte participanten in medebestuur op fantastische wijze. Als je bijvoorbeeld ziet hoe ten eerste LOKO goed functioneert. Ik ben deze week nog mee geweest op een blindentocht. Ik ben blind van de cafés van de Tiensestraat aan de arm van Margo gegaan. Ja, toch beter dan aan de arm van Rik Gosselink (lacht). Maar dus, LOKO werkt goed, maar ook STURA. Als je ziet hoe veel mensen die bij een krijgen op hun algemene vergaderingen. Maar ook het medebestuur dat constructief verloopt. Er is geen enkel andere universiteit waar het zo is. Dat vind ik aangenaam en ook belangrijk. Ook dat draagt bij tot community building. Ik ben zelf studentenvertegenwoordiger geweest in de academische raad. Het enige wat wij deden -en dat was ook onze taak- was projecten afschieten. Ik herinner me van mezelf dat ik daar zat en ik had dan de taak om een programmawijziging uit psychologie te bespreken. Ik schoot alles af, had nochtans alles goed voorbereid. Daarna zei rector de Somer tegen de toenmalige decaan Gaston: ‘dat moet je toch nog eens bekijken’. Vandaag proberen we toch samen tot resultaten te komen. In die zin heb ik het idee dat de sfeer aan de universiteit niet super slecht is.

HERMES:Wij hebben vernomen dat u zich opnieuw kandidaat gaat stellen als rector. Stel u wordt opnieuw verkozen, wat zullen dan uw voornaamste projecten zijn?

RT: Om te beginnen zijn er zaken die in gang zijn gezet en verder moeten geconsolideerd worden zoals de onderwijsvisie. Er zijn nog een aantal andere zaken die ik nog sterker zou willen doen, bijvoorbeeld vergaderingen met het ATP buiten het syndicale overleg om. Ik vind dat het ATP volledig moet betrokken worden bij de universiteit. Waar ik een beetje van droom is nog een betere samenwerking -ik zeg niet dat ze slecht is- tussen de groepen, de faculteiten en de personeelsdienst. Daar kan nog iets gebeuren, dat is mijn gevoel. Die mensen van de personeelsdienst zijn van goede wil, maar dat is toch een element dat belangrijk is dat er één universiteit is, dat iedereen elkander vertrouwt en inlicht. Dat is niet altijd simpel. Maar dat is één aspect dat van groot belang is. Twee is de verdere integratie van de opleidingen in de periferie waar Brussel bij is. Dat is denk ook een heel belangrijk punt. Dan hebben we ook samenwerkingen met ongeveer iedereen, waarbij alles belangrijk is. Je moet opletten dat we wat contra-cyclisch gaan. Als iedereen zegt valorisatie is het onderwerp van de toekomst, moeten we ook zeggen voldoende basisonderzoek. Heel belangrijk is ook dat humane wetenschappen niet worden vergeten. We zitten vandaag in een maatschappijmodel waarbij eigenlijk het model van wetenschap dat wordt voorop geschoven een is van wetenschap en technologie of biomedische en waarbij het cijfermatige als enige wetenschappelijke wordt beschouwd. Maar ook systematische reflexen moeten gestimuleerd worden. En dan natuurlijk een belangrijk punt in het algemeen: de universiteit moet een onafhankelijke kracht zijn in de samenleving waar duurzaam kan nagedacht worden op de gekste manier, dat moeten we ook realiseren. Dat zijn een paar punten die nu al wel leven. Maar bijvoorbeeld binnen de universiteit moet er nog grotere eenheid gebracht worden tussen de diensten. Dat is misschien vrij technisch maar daar is toch nog wel wat werk aan.

Of ik manifest beter kan dan dit betwijfel ik, dat wil ik toegeven

 

HERMES: In bepaalde Leuvense studentenbladen wordt u weleens beschreven als populistisch, maar hoe evalueert u uw eigen imago bij de Leuvense student?

RT: (lacht) Goh, wat is populistisch? Ik weet niet wat mijn imago is. Ik heb altijd veel sympathie voor de studenten. Ik ben ook wel jaloers op hen, omdat statistisch de kans bestaat dat ze de huidige generatie professoren, en zeker mezelf, gaan overleven. Maar populistisch betekent dat je irreële dingen zal naar voorschuiven. Ik probeer wel zoveel mogelijk mensen te betrekken bij de universiteit. Is dat populistisch? Ik probeer niet afstandelijk te zijn. Moet je dan bijvoorbeeld als studenten in de straat vragen voor een selfie nee zeggen? Ik vind van niet. Ik probeer er gewoon altijd te zijn. Ook op alle promoties. Ik doe er 28 in juni, ook buiten Leuven, dus ook op andere campussen. Dat is heel belangrijk. Maar als je zegt populistisch… Voor een universitaire context misschien wel. Misschien waren we ook te veel afgesloten. Als je dat bekijkt in Nederland met bestuurders die worden aangesteld door een beperkt gremium en die dan zeggen: ‘we zitten in de bestuurskamer en contact met studenten en professoren is niet onze taak’. Ik vind van niet. Ik vind wel dat dat mijn taak als rector is om met iedereen in contact te komen. Lichtjes onnozel doen is een deel van de baan, maar niet altijd (lacht).

HERMES: In welke mate denkt u dat imago een rol gaat spelen tijdens de rectorsverkiezing?

RT: Ik weet het niet. Ik weet niet wat daar allemaal gaat gebeuren. Tja, we zullen zien wie er zich allemaal kandidaat zal stellen en welke alternatieven ernaar voor zullen geschoven worden. Het is duidelijk dat we graag zouden verder doen met de huidige ploeg. Daarom niet helemaal zoals nu. Sommige mensen kunnen niet verder doen wegens leeftijd, anderen hebben misschien andere voorkeuren. Ik denk dat we een aantal uitstekende mensen hebben die ook graag zouden verder doen. Als er een alternatief is zullen we met de dragers van dat alternatief in een waardig debat proberen te treden. Dat is ook de bedoeling van verkiezingen, dat iedereen zijn eigen deel naar voor kan brengen.

HERMES: Hoe denkt u de studenten ingelicht te krijgen over uw standpunten?

RT: Om te beginnen zullen we de nieuwe standpunten formuleren, maar natuurlijk is er ook het verleden. Ik weet ook dat alles niet perfect is. Er moet nog van alles gebeuren. Aan de andere kant, een meer totale inzet dan dit kan ik niet bieden. Dat is ook heel duidelijk. Of ik manifest beter kan dan dit betwijfel ik, dat wil ik toegeven. Maar ik weet wat je kan krijgen en wat mijn beperkingen zijn, daar kunnen we over discussiëren.

HERMES: U heeft onlangs een tweet gepost: ‘Het is gevaarlijker niet aan de maatschappelijke discussie deel te nemen dan ze te verliezen’. Hoe vindt u dat dit nu past in de actualiteit of kan u voorbeelden geven uit de manier van uw leidinggeven?

RT: In het algemeen, wij zijn academici en mensen die geacht worden min of meer verstandig te zijn. Natuurlijk heb je een maatschappelijke discussie waarin iedereen zowat zit. Bijvoorbeeld allerlei bv’s: dat kunnen zangers zijn, kunstenaars, schrijvers… Maar ik vind dat academici niet te makkelijk mogen zeggen: ‘wij doen niet mee aan die discussie’. Natuurlijk niet iedereen moet dat doen. Er zijn mensen (professoren, studenten) die andere accenten leggen. Maar als iedereen zegt in de universiteit: ‘wij hebben andere prioriteiten’, dat zou ik jammer vinden. Zeker in tijden van het opkomend populisme en ook daarop komt soms een simpele reactie. Vaak wordt er gezegd: ‘die mensen zijn populisten en dus daarom schrijven we ze af’. Dat is ook niet goed. Je moet hen proberen te begrijpen. Dat probeer ik ook te doen in het maatschappelijk debat, waar ik door omstandigheden veel kan tussenkomen. Ze vragen me daar zelf voor, ik probeer me niet op te dringen. Dat gezegd, allerlei meningen kunnen, maar laten we toch in een sfeer een beschaafd debat proberen te houden. Dat vind ik wel heel belangrijk. Waarbij de universiteit niet enkel naar inhoud, maar ook naar vorm ergens de weg kan wijzen. Een beschaafd debat houden, waarin niemand gedemoniseerd wordt, is niet simpel in onze tijd van verscherpte tegenstellingen.

HERMES: De rectorsverkiezingen lopen binnen de KU Leuven nog min of meer via een soort getrapt systeem voor studenten. Daar is nu een extra trap aan toegevoegd met de studentenstemming. Er is nu een heel aantal stemmen die vrijgekomen zijn. Hoe denkt u in te spelen op die mensen?

RT: Wel niet. We laten het aan de studenten over hoe zij de verkiezingen bepalen. Ik ben uiteraard altijd bereid om met de studenten over alles in gesprek te treden. Ik denk dat dat het belangrijkste is. Er zijn periodes geweest, maar dat was de laatste keer ook al niet meer zo, dat er enorm in blok werd gestemd door studenten. Om te zeggen: ‘als we voor die kandidaat stemmen dan zijn we gerust en voor die andere niet’. Ik denk dat we die tijd wel wat voorbij zijn. We zitten nu in een sfeer van minder antagonisme, maar wel echt medebestuur. Het is belangrijk om met studenten over hun wensen in gesprek te treden en er ook eerlijk in te zijn. Kijken wat je wel kunt doen en wat niet. Wat dat betreft moeten we de universiteit zien als een gemeenschap: met studenten, met professoren, onderzoekers, maar ook met het ATP. Een voorbeeld: vorig jaar was er een hele discussie over de bekendmaking van de examenroosters voor de tweede zittijd. Ik vind ook dat onze studenten dat toen heel goed hebben gedaan. Terecht was er de vraag om dat op tijd te weten. Maar dat moet ook kunnen gebeuren op een wijze die bijvoorbeeld ook voor het ATP dragelijk is. Wat ik daar heel erg heb in gewaardeerd is dat iedereen voor elkanders wensen aandacht had. Het is het soort discussie dat ik graag heb.

HERMES Bent u dan ook voorstander om de toekomstige rectorsverkiezingen democratischer te laten verlopen en geleidelijk aan naar een systeem te gaan waarin iedereen kan stemmen? Een man een stem?

RT: Ik denk eerlijk gezegd dat jullie het dan helemaal voor het zeggen hebben. Dan gaan jullie pas een populistische rector hebben! Maar afgezien daarvan, ik vind ons huidig systeem zeker niet slecht waarbij iedereen aan bod komt met verschillende wijzen van gewogen stemrecht. Maar ik wil vooral het huidige systeem, het idee van de verkozen rector, hoe de stemmen juist zijn absoluut houden. We staan daarin redelijk alleen. Er is bijvoorbeeld Nederland waar geen verkiezingen zijn, waar dan headhunters op zoek gaan naar kandidaten, rectoren of voorzitters van een college van bestuur. Ik vind dat niet zo goed, want dan moet je geen moed hebben om kandidaat te zijn. Je wacht tot ze komen. Het lef om te zeggen ‘ik wil dat doen’ mag ook gehonoreerd worden. Je hebt ook systemen zoals in Frankrijk vaak, soms in Duitsland, waarbij een beperkt gremium dan kiest tussen kandidaten of departementsvoorzitters of anderen. Dat is dan ook getrapt. Ik vind dan juist dat we meer mensen aan bod moeten laten komen. Ik vind het normaal dat ook ATP-leden, met inbegrip van mensen die niet academisch bezig zijn, hun zeg mogen hebben. Want uiteindelijk mogen we van een rector ook verwachten dat hij niet afstandelijk is en dat hij iedereen au-serieux neemt. En iedereen is in staat om daar een oordeel over te vellen, zoals bij democratische verkiezingen.

HERMES: Hoe betrekt u de andere campussen er persoonlijk bij?

RT: Ik ben nu niet met verkiezingen bezig op dit moment, maar ik ben daar ongelofelijk vaak geweest. Dat kan voor van alles zijn. Ik heb bijvoorbeeld in de campus Gent, op de vraag van een student, een les gegeven over ethiek voor industriële ingenieurs. Ik ben een tentoonstelling van personeelsleden gaan openen. Ik heb recent in Sint-Katelijne-Waver een gesprek gehad over hun vertegenwoordiging in de universiteit. In Geel bijvoorbeeld zijn er events waar ook de lokale industrie in meespeelt en tegelijk onze docenten en zo meer. Ik denk dat we overal moeten zijn. Van Brugge zijn we aan het proberen een sterk zwaartepunt te maken met een aantal lokalen en mooie gebouwen die we verwerven. Brugge is ook een belangrijke zetel aan het worden van de KU Leuven. Hoe kan je daar iets aan doen? Door er te zijn. Ik zie dat voor een stuk los van de verkiezingen. De bedoeling is wel dat die mensen daar niet kwaad voor gaan zijn. Maar het ultieme doel is dat je ze er massaal bij betrekt. Aanwezigheid op de vloer vind ik een zeer belangrijke taak van een rector.

HERMES: Wij komen natuurlijk van de faculteit Letteren. De decaan daar is de heer Tollebeek. Hoe evalueert u zijn decaanschap?

RT: Ik ga niemand anders evalueren. Wat mij wel opvalt bij Jo Tollebeek is dat hij het met hart en ziel opneemt voor zijn faculteit en zich uitermate inzet ook voor de financiële toestand van de faculteit, die in de loop der jaren niet altijd positief is geëvalueerd door allerlei omstandigheden waarvoor ik niemand de steen gooi. Hij probeert daar echt een oplossing voor te vinden. Ik steek niet weg dat dat niet altijd simpel is. Je moet natuurlijk altijd binnen andere faculteiten, binnen humane en ook met andere groepen, rekening houden. Dat is vaak een emotionele discussie. Maar ik ben ervan  overtuigd dat we daar gaan uitkomen. Ook omdat een universiteit een sterke faculteit Letteren nodig heeft.

HERMES: Een voorstel dat nu op tafel ligt zijn de L-vakken. Een bepaald aantal vakken zullen dan algemene vakken binnen Letteren worden. Een deel van de eigenheid van opleidingen zal dan verloren gaan.

RT: Ik spreek me daar niet over uit. Hoe dat allemaal intern gebeurt moeten jullie in jullie eigen faculteit vastleggen. Nu is het wel zo dat aan de universiteit in het algemeen een neiging bestaat om in de eerste jaren voldoende algemeen vormende vakken te geven om te verhinderen dat mensen postzegel-specialisten worden. Je bent er snel buiten en daarna weet je niets meer. Ook daar moet de eerste gedachte natuurlijk zijn ‘de vorming van onze studenten’ en niet de ‘besparingen’. Nu als die twee dingen samen kunnen gaan is dat niet verkeerd, maar het eerste primeert. Maar ik weet niet hoe jullie daarnaar kijken als historici?

HERMES: Er is een vak ‘zoekstrategieën’ dat voor ons zeer belangrijk is als historici omdat we niet geacht worden veel te weten, maar wel veel te vinden. Dat zou nu zeer sterk gereduceerd worden om er een algemeen Letteren-vak van te maken.

RT: De universiteit is een zeer horizontale instelling. Ook al zou ik er een mogelijke gedachte over kunnen hebben, wat ik niet beweer, is het altijd aan de opleidingen zelf om daar de juiste keuze te maken. Wij zijn geen top-downinstelling. Wij geven veel autonomie: intellectueel en ook voor een stuk financieel aan verschillende faculteiten, departementen. En dan moet de discussie gevoerd worden. Er zijn een aantal algemene opties, die zijn te vinden in de opdrachtverklaring van de KU Leuven en ook in de onderwijsvisie met de ‘Disciplinary Future Self’. Dat laatste is iets wat sterk wordt gedragen. Onze vicerector Didier Pollefeyt heeft daar ook honderden vergaderingen over gehad. Maar hoe jullie tegenover een concreet vak staan hangt ook van jullie af. Als je echt in een vak gelooft als studenten zal dat nooit tegen uw wil afgeschaft worden.

HERMES: U bent optimistisch over Letteren?

RT: Maar natuurlijk. Als ik mijn hart had gevolgd op achttien jaar was ik waarschijnlijk talen of geschiedenis of iets dergelijks gaan volgen. Want ja, in feite ligt mijn hart voor een stuk daar. Ik schrijf ook heel graag. Het spel met de taal is een stuk van mijn leven. Ik heb ook geen spijt dat ik rechten heb gedaan. Je leert daar heel structureel denken. Het is ook een goede basis om maatschappelijk te kunnen optreden. Maar literaire taalkunde is iets wat ik nooit zal verleren. Ik voel me altijd heel erg thuis op uw faculteit. Bijvoorbeeld op emiraten van professoren… Dat zijn welsprekendheidsconcoursen waar ik enorm van geniet. Dan zie je die volzinnen eruit vlammen enzoverder. Dat is fantastisch! Dan denk ik soms, aan zo een speech wordt vier jaar gewerkt, maar neen… Dan blijken die professoren daarnaast ook nog te kunnen publiceren! Waar heb je dat elders? De idee van de retoriek, het verbale, intellectuele spel... Daar zijn jullie absoluut onmisbaar in.

HERMES: De algeme kritiek dat geschiedenis nutteloos is, is absoluut onwaar volgens u?

RT: Geschiedenis is de brug tussen wie wij waren en wie we zullen zijn. Hoe meer je van geschiedenis weet, hoe moediger je bent tegenover de toekomst. Daar ben ik echt van overtuigd. Ik heb zo een verhaal dat ik vaak vertel. In de traditie zitten de guts. Ik ben ooit jaren geleden op een congres in Noorwegen geweest en we hadden toen een banket waar iedereen een smoking droeg. Dat is uitzonderlijk voor professoren. Meestal slapen zij onder een brug (lacht). Daar heb ik het meest woeste gesprek ooit gevoerd. En dan denk je, juist misschien omdat je die smoking hebt, die een link is tussen verleden en traditie, heb je het lef en de moed om ook over de toekomst wild na te denken. Als je een idee hebt over geschiedenis valt het je minder zwaar en ben je minder angstig tegenover de toekomst. Ik geloof heel sterk in geschiedenis en traditie als een katalysator om over de toekomst heel goed na te denken. Het zijn juist de mensen die denken dat zij zelf de eerste zijn die nadenken die zich vergissen. Er hangt hier een schilderij, dat je nu niet goed ziet, maar dat is een Laatste Avondmaal van 1580. Dat heeft in de eetzaal van het Pauscollege gehangen. Daar staan, naast de professoren van toen, onder andere Willem van Oranje op, Marnix van Sint-Aldegonde, Alva en Don Juan. In feite zou dat vandaag een schilderij zijn met John Combré, Bart de Wever enzo. Wij denken: ‘wij hebben lef, vroeger dachten de mensen niet na’. Absoluut niet. Historici helpen ons om dat in herinnering te brengen.

HERMES: Ter afronding: het rectorschap is dat een roeping of een beroep?

RT: Een katholiek zou zeggen het is een genade. Ik ben heel dankbaar dat ik het heb mogen zijn. Maar het is absoluut wel de mooiste baan in mijn leven geweest tot nog toe. Wel ik bijvoorbeeld heel erg hield van onderzoek en ook wel van de media. Ik heb ooit een eigen programma gehad, nooit gedacht, waar ik interviews kon doen met mensen. Naar de politiek heb ik geen heimwee. Maar het rectorschap is iets prachtigs om te doen. Niet iets om te doen als je té jong bent, maar wanneer je eigenlijk zegt dat je alle ijdelheden van het leven hebt gehad en je nu iets probeert te doen gebaseerd op je ervaring voor andere mensen. Ik heb veel kunnen doen in de media, ik ken de politiek… Die mix zijn eigenlijk toevallig geweldige zaken om als rector te kunnen functioneren. In die zin vind ik het ongelofelijk plezant weliswaar, nogmaals misschien niet voor anderen. Maar ik heb het gevoel dat ik nooit werk.

Redactie: Na het interview wordt Torfs gebeld voor zijn volgende afspraak met, jawel: Veto. Rector Torfs besluit echter dat hij liever wat napraat met uw redactie, aangezien er naar eigen zeggen “belangrijkere dingen zijn dan Veto”.  Hermes bijvoorbeeld.

Geef een reactie