Het leven van een Eerstejaar

Het harde leven van een eerstejaarsstudent: een bekentenis

(Gebaseerd op waargebeurde feiten)

De eerstejaarspaper, de L-vakken en het studentenleven: dit zijn allemaal zaken waar wij eerstejaars voor het eerst mee in contact komen. We worden tegen het hoofd geslagen met zelfstandigheid en de verleiding om elke les te skippen is enorm. Natuurlijk zijn deze dingen allemaal makkelijk beter te maken, namelijk het enige lichtpuntje: de Fak. Je spreekt af met je nieuwe vrienden om naar het studentenoord te gaan en daar het zalig gerstenat te proeven en ziet een lid van het Historia-praesidium. Je bent er zeker van dat dit lid je nog herkent, je nam dan ook deel aan de schachtenverkoop en liet je voor iedereen vernederen. Er is dus geen enkele manier dat hij/zij je niet meer kent, en dan klinken de woorden: “Dag eerstejaar!”. Je lacht vriendelijk terug en begroet hem/haar, maar diep vanbinnen wil je boos zijn, je bent maar een kleine eerstejaar.

“Wat moet het eerstejaartje hebben?”

Je gaat naar de toog om een heerlijke Duvel te bestellen, daar hoor je het weer: “wat moet het eerstejaartje hebben?”. Moest ik telkens een Duvel getrakteerd worden wanneer ik dit hoor zou Michel Moortgat mij persoonlijk komen bedanken. Je stapt terug naar je vrienden met een verslagen blik en begint te praten over de lessen die jullie deze week gekregen hebben. Hier en daar eens lachen met wat de docent gezegd heeft en dan beginnen praten over de examens. Je weet helemaal niet hoe je zal slagen voor het examen Middeleeuwen, want je hebt gehoord dat het een buisvak is. Je raapt je moed bij elkaar om naar een ouderejaar te sturen voor hulp. Je denkt dat je een easy win hebt behaald en zeker zal slagen maar dan slaat het lot eens toe: de docent is dit jaar veranderd, de examentips zijn dus niets waard. Opnieuw voel je je verslagen want nu ben je bijna zeker dat de examens niets gaan worden.

Alle eerstejaars kampen met deze problemen, en toch worden we telkens weer als kleine kindjes beschouwd.

Nu zijn de examens gedaan en je hebt het juist voorspeld, ze vielen drastisch tegen. Je komt het monitoraat buiten waar je gehoord hebt dat je beter over een plan B begint na te denken. Alsof dat nog niet erg genoeg was moet je dan nog eens naar een verplichte infosessie waar je alleen bang wordt gemaakt voor het te komen semester. Het monitoraat om hulp vragen is dus geen optie want ze helpen liever geen slechte studenten, het enige wat je kan doen is op je tanden bijten en je studiemethode veranderen. Want studeren aan de universiteit is ook niet wat je verwacht had. Iedereen zegt je wel dat het anders is maar je moet maar zelf uitzoeken hoe je het aanpakt. Alle eerstejaars kampen met deze problemen, en toch worden we telkens weer als kleine kindjes beschouwt. Natuurlijk vraag ik met dit artikel niet om eerstejaars te respecteren, ik ben volgend jaar hoogstwaarschijnlijk ook schuldig aan deze ‘misdaden’.

Geef een reactie